Nieuws
Home
Artikelen
DNA tests Dogs
DNA tests Cats
Hartonderzoek
Gezondheids- inventarisaties
Informatie en activiteiten
Contact
English information

Eén van de activiteiten van het instituut "Genetic Counselling Services"is ondersteuning van rasverenigingen bij het beheer van hun populaties (rassen). Het programma GCS-datamanager, dat borg staat voor een efficiënte afstammings- en kenmerkenregistratie, kan hierbij van groot nut zijn. Een aantal verenigingen maakt intussen gebruik van deze programmatuur.

Ocicat kittens, bron:Anatoli & Valentina, www.PhotoCat.co.uk Voor een optimaal datamanagement en een correcte analyse van de gegevens is programmatuur alléén niet voldoende. De juistheid van de in de database in te voeren (afstammings)gegevens is minstens zo belangrijk. Met name geldt dit indien deze gegevens gebruikt (gaan) worden bij wetenschappelijk onderzoek naar en bestrijding van erfelijke aandoeningen. Dan is het van belang om absolute zekerheden te kunnen verkrijgen omtrent de afstamming van uw dieren.

GCS biedt aan verenigingen, individuele fokkers en eigenaren de mogelijkheid om (tegen minimale kosten) bloedmonsters van hun dier(en) gedurende 25 jaar op te laten slaan. Daaruit kan, zodra dat aan de orde is, DNA worden gewonnen voor onderzoeken in het belang van uw dieren èn in het belang van de populatie. Dit DNA kan voor een aantal doeleinden worden gebruikt:

  • Allereerst natuurlijk, het DNA (het DNA-profiel) vormt de enige niet te vervalsen identificatie van het dier. Mocht er een verschil van mening bestaan over het eigendom van het dier, de eigenaar kan ook over tien of twintig jaar nog steeds aantonen dat een dier hetzelfde dier is waarvan hij nu het monster liet opslaan.
  • Verder kan (in geval van twijfel) door vergelijking van het opgeslagen DNA met het DNA van ouders en andere verwanten, de afstamming snel en gemakkelijk worden gecontroleerd.
  • In de toekomst zullen steeds meer DNA-markers beschikbaar komen waarmee erfelijke aandoeningen kunnen worden opgespoord. Met behulp van het opgeslagen materiaal kan bij elke nieuwe ontwikkeling snel en goedkoop worden gecontroleerd of het betreffende dier aan deze aandoening lijdt (leed) of die vererft (vererfde).
  • Tot slot, om nieuwe DNA-markers te kunnen ontwikkelen voor telkens weer andere aandoeningen is DNA-materiaal nodig van familiegroepen waarin lijders voorkomen. Tot nu toe moesten voor elk volgend onderzoek weer nieuwe (bloed)monsters worden verzameld. Wanneer die DNA-databank beschikbaar is kunnen daaruit ook de monsters worden verkregen om DNA-markers te ontwikkelen die specifiek voor die populatie (voor dat ras) van belang zijn.

Raamovereenkomst        Openen