|
|
Aangeboren hartafwijkingen.
Verkregen hartafwijkingen.
- bij honden
Dilated Cardiomyopathie (DCM)
Congestieve Cardiomyopathie (Dilated Cardiomyopathie, DCM)
is een afwijking van de hartspier, waarbij de kracht van het spierweefsel is afgenomen
waardoor een dilatatie (verwijding) van de linker of van beide hartkamers is ontstaan.
Dit leidt tot een verminderde pompfunctie van het hart, waardoor er uiteindelijk ook
een dilatatie van de linker boezem, klepgebreken, boezemfibrillatie en
hartritmestoornissen kunnen ontstaan. Meestal is de linker harthelft aangetast
waardoor er longoedeem (vocht in de longen) kan ontstaan. Is ook de rechterhelft
aangetast dan zien we vochtophopingen in de buikholte en aan de poten optreden.
Het kan soms jaren duren voordat de eerste klachten zich openbaren. De afwijking
manifesteert zich bij de meeste rassen op een leeftijd tussen 4 en 10 jaar.
De eerste verschijnselen van DCM zijn vaak een verminderd uithoudingsvermogen,
vermageren en meestal ook hoesten. Dit hoeft echter niet, soms is een plotselinge
dood het eerste en enige symptoom.
DCM is één van de meest voorkomende hartaandoeningen bij
honden en wordt vooral gezien bij de qua formaat grote rassen, zoals de
Dobermann, de Duitse Dog, de Ierse Wolfshond, de
Deerhound, de Newfoundlander, de Sint Bernard, de Boxer
en bij nog enkele andere grote dogachtige rassen. De afwijking komt echter ook voor
bij de Dalmatische Hond, de Labrador Retriever, de Airedale Terrier en de
Engelse Cockerspaniel en de Amerikaanse Cockerspaniel. De directe oorzaak
is meestal onbekend, maar heeft in vrijwel alle gevallen een genetische achtergrond.
Soms speelt een tekort aan taurine in het voedsel een rol, zoals o.a. bleek bij de
Amerikaanse Cockerspaniel. Bij sommige Boxers met DCM lijkt een
tekort aan het aminozuur Carnitine (mede)oorzaak van het gebrek, door sommige
onderzoekers wordt ook aan het Co-enzyme Q10 een belangrijke rol toegedicht.
Ook bepaalde virale infecties en auto-immuunziekten kunnen DCM tot gevolg hebben.
In al deze gevallen spelen, net zoals dat bij de mens bekend is, erfelijke factoren een
rol.
DCM manifesteert zich bij de verschillende rassen op een verschillende wijze.
Zo wordt bij de Portugese Waterhond een juveniele vorm beschreven. Hierbij sterven
de puppies op een gemiddelde leeftijd van 13 weken, na een snel verlopend ziektebeeld.
Is er bij uw hond eenmaal de diagnose DCM gesteld, dan is er weinig hoop op
genezing. Soms kunnen voedingssupplementen in combinatie met traditionele geneesmiddelen
tot verbetering leiden, zoals in het geval van het taurine-tekort bij de
Amerikaanse Cockerspaniel. Maar in het overgrote deel van de gevallen heeft de
ziekte, afhankelijk van het stadium van de ziekte en de ernst ten tijde van de
diagnosestelling, een snel en fataal verloop. De meeste honden overlijden binnen enkele
weken tot maanden. Bij sommige rassen is de overlevingskans bij gebruik van de juiste
medicijnen wat groter. De prognose voor de langere tijd blijft ook dan echter somber.
Honden met DCM kunnen ook zomaar plotseling overlijden, met name wanneer er
boezemfibrillaties en hartritmestoornissen ontstaan.
U kunt uw hond of kat laten onderzoeken bij een van de
radiologen/cardiologen die zijn opgenomen in de lijst.
Het benodigde onderzoeksformulier
kunt u hier alvast invullen en daarna printen.
- bij katten
|
|